Osho Boeken Besproken

Nederlandse Osho Boeken 1

pagina 2

pagina 3


pagina 4

pagina 5

pagina 6


Engelse Osho Boeken 1

pagina 2

pagina 3

pagina 4

pagina 5

pagina 6

pagina 7

pagina 8

pagina 9

pagina 10

pagina 11

pagina 12

pagina 13

pagina 14

pagina 15

pagina 16

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

BESPREKING VAN VEDANTA, SEVEN STEPS TO SAMADHI

"Soms gebeurt het dat datgene wat heel vlakbij is, wat heel dicht om je heen zit, zo overduidelijk is, dat je er niet meer aan denkt.
Wat vlak om je heen zit, daar kun je niet naar kijken, want zelfs om er naar te kijken, daarvoor is afstand nodig."
En nu citeer ik Osho in het boek "Vedanta, seven steps to Samadhi".
Dit boek is na de oorspronkelijke druk van 1976 al weer een paar maal opnieuw uitgegeven.

En het mag er in alle opzichten zijn. Van het verfijnde Boeddha hoofd met groene achtergrond op de cover tot de sprankelende inhoud die gewoon altijd nieuw is.
Bij bovengenoemd citaat hoort het volgende soefi verhaal.

Er was eens een vis in de oceaan die iemand over de oceaan hoorde spreken. En de vis hoorde voor de eerste keer dat er zoiets als een oceaan bestaat. Dus begon ze te zoeken, ze begon te vragen en te informeren, maar niemand wist waar de oceaan was. Ze zeiden allemaal, dat ze erover gehoord hadden. En ze zeiden: " Ooit in het verleden wisten onze voorouders hiervan, het staat in de boeken geschreven."  En dit gebeurde dus, terwijl de oceaan rondom was! Ze waren met elkaar aan het praten, ze leefden in de oceaan.
Maar ze zien het niet. Er is geen ruimte tussen de vis en de oceaan - er is geen sprake van een kloof.
De vis is een onderdeel van de oceaan, net als een golf; oftewel: de oceaan is gewoon de oneindige uitbreiding van het wezen van de vis.
Ze zijn niet los van elkaar te zien; ze bestaan samen, hun wezen is met elkaar verbonden
Hun lichamen lijken misschien verschillend van elkaar te zijn, maar hun wezen is een, het is een eenheid.
Zo is het ook met het goddelijke.
Dat kan geen object van een of andere zoektocht zijn, want het blijft een eigen subjectiviteit. Je zult het nergens kunnen vinden want het is overal, en als je er naar begint te zoeken, zul je het gewoon nergens vinden.
Niemand heeft namelijk de onmiddellijke ervaring van het goddelijke.
Men haalt alles daaromtrent uit de boeken.
En met onmiddellijke ervaring wordt bedoeld: de ervaring die in jou gegroeid is, of waar jij naar toe gegroeid bent….heel intiem, zo intiem dat je niet kunt voelen waar jij ophoudt en waar de ervaring begint.
En wil je deze intieme zoektocht beginnen, deze intieme ervaring die het goddelijke genoemd wordt binnen gaan, dan is het eerste wat je je moet herinneren: het is niet ver weg, het is waar je nu bent.
Precies op dit moment bevind jij je in het goddelijke, je ademt erin, je ademt het zelf en je ademt erdoor. 
Dit boek heeft als titel: Vedanta, zeven stappen naar Samadhi.
Wat zijn die zeven stappen?
Nou, dat zijn echt niet zulke ingewikkelde dingen.
Ze zijn zelfs heel eenvoudig en voor de hand liggend.

We luisteren niet op de juiste manier; dus een van de stappen is: right listening.

We kijken niet op de juiste manier, maar gewoon op basis van gewenning.

Onze blik is vervormd. We kijken niet alleen, nee we hebben meteen een oordeel bij wat we zien.

Maar we denken, dat we heel veel dingen gewoon goed doen, terwijl dat niet zo is. Het universum is een geheel, maar wij staan klaar om er onderverdelingen in aan te brengen.
Vergelijk onze manier van kijken eens met hoe de Zen monnik Bokuju een situatie in ogenschouw neemt.

Op een dag liep Bokuju door een dorpsstraat, toen iemand hem met een stok begon te slaan.
Hij krabbelde overeind en pakte de stok op.
De man die hem geslagen had was inmiddels weg gerend.
Maar Bokuju rende achter hem aan en riep: ''Wacht even, je moet je stok nog meenemen.''
En hij haalde de man in en gaf hem de stok terug.
Maar er was een groep mensen op het voorval afgekomen en ze zeiden tegen Bokuju: ''Die man heeft je hard geslagen en je hebt er helemaal niets van gezegd!''
En men zegt, dat Bokuju gezegd heeft:''Een feit is een feit. Hij heeft geslagen, dat is alles. Het was zo, dat hij degene was die sloeg en ik degene die geslagen werd. Het is precies zoals wanneer ik onder een boom door loop of ik zit onder een boom en er breekt een tak af. Wat kan ik er aan doen?''

Maar de menigte zei: ''Maar een tak is een tak, dit is een man. We kunnen er bij een tak niets van zeggen, we kunnen hem niet straffen, hij kan het niet begrijpen'' Bokuju zei:''
Deze man is voor mij hetzelfde als een tak.
En als ik niets tegen de boom kan zeggen, waarom zou ik me druk maken om iets tegen deze man te zeggen?
Het is gebeurd.
Ik ga niet interpreteren wat er gebeurd is.
Het is al weer verleden tijd. Waarom zou ik daarover piekeren? Het is voorbij.''
Zo kijkt een wijze naar de dingen.
Hij kiest niet, hij oordeelt niet. Alles wat er gebeurt, accepteert hij in zijn totaliteit.

Maar het lijkt vaak of wij aan oogziekten lijden, zoals we naar de dingen kijken: hoe iets wel moet zijn en niet moet zijn, we maken onderscheid, we oordelen en we veroordelen en waarderen dingen.
We moeten dus tot een ''juist kijken'' komen, een juiste manier van dingen zien en niet op de manier waarop het lijkt dat we aan een oogziekte lijden.
En zo zijn er dus nog zes stappen, waarbij we ons onzuiver bezig zijn op basis van Osho's inzichten kunnen bijstellen.

Wat een genot, zo' n Meester als Osho die het niet moe wordt om ons wakker te schudden.
Op een video tijdens de White Robe in Wajid hoorde ik hem zeggen: '' I don' t have anything to say.

So that' s why I go on talking to you''  Ja, láchen….in eerste instantie.

Maar het praten tot ons is nodig om ons in silence met hem te brengen.
Dat is de compassie van Osho.
Hij blijft tegen ons spreken, terwijl woorden niet wezenlijk zijn.
Maar wat moet je anders met mensen die volledig op woorden zijn ingesteld?

Daarom is het antwoord van Osho op een van de vragen in dit boek ook zo waardevol. De vragensteller zegt een toegewijde van een andere meester te zijn, maar het tegelijkertijd nodig te vinden om met een andere goeroe te werken.
Osho zegt dan:'' Een meester werkt niet. Hij is er, zijn aanwezigheid doet het werk. Maar deze aanwezigheid werkt alleen als jij vertrouwen hebt. Als je geen vertrouwen hebt, kan er niets gebeuren. Dus, als je voelt dat je je echt aan die andere meester hebt over gegeven, dan hoef je niet bij mij te komen. Als er sprake is van echte overgave, stelt de vraag om een andere meester niets voor.''
''Niet dat ik voorwaarden stel'', zegt Osho, ''mijn deur staat onvoorwaardelijk open, maar die deur zal voor jou gesloten blijven, omdat je hem alleen open kunt zien staan als jij vertrouwen hebt.'' 
Prachtige, bewust makende, verhalen staan er verder in dit boek. Over de professor die bij Zenmeester Nansen kwam met allemaal vragen.

Als antwoord schenkt hij het kopje van de professor zo vol, dat de thee op de schotel gaat stromen.

Met andere woorden: zo vol is het hoofd van de professor als dat kopje, overvol.

En hoe kan hij dan ruimte hebben voor een wezenlijk antwoord?

Ook het verhaal van Alexander de Grote die vanuit India de Veda's wilde meenemen. Hij omsingelt een huis om de boeken in beslag te nemen.
Maar uiteindelijk moet hij genoegen nemen met de vier zoons des huizes die elk een deel van de Veda's uit hun hoofd geleerd hebben.''
Alexander stond versteld. '' Hoe konden die jongens zich de hele inhoud van zo' n Veda herinneren?'' vroeg hij zich af.
Osho zegt: '' Dat is right rememberance. Er is hen geleerd om het nutteloze te negeren en alleen het essentiële eruit te pikken en dat te onthouden.''
Deze beide verhalen zijn dus illustraties van een van de zeven stappen naar Samadhi en het gaat hier dan om: right listening of right rememberance.
De essentie ergens uit leren pikken. Dat kan een goede oefening zijn, maar dat kan dan niet in de volgende situatie.
Het gebeurde eens dat een van Picasso's schilderijen gestolen werd en Picasso had de dief gezien.
De politie vroeg naar het signalement.
Dat vond Picasso moeilijk om te geven, maar hij zou de dief schilderen. Op basis van de schildering pakte de politie twintig mensen op.
Onder deze twintig mensen was een professor, een politicus en een musicus - allerlei soorten mensen dus.
En die niet alleen; er wordt gezegd dat er ook dingen werden opgepakt, zoals machines en  zelfs de Eiffel Toren!
Want je weet namelijk nooit, wat het precies voorstelt wat Picasso daar geschilderd heeft.
Zijn schilderijen zeggen niets, maar ook alles.
Dus, dan is er verwarring.
En deze grap relativeert dan tevens ook de eventuele starheid met betrekking tot de zeven stappen naar Samadhi.
Want het gaat natuurlijk in de eerste plaats om bewustzijn.
En de zeven stappen kunnen daarbij behulpzaam zijn, maar ze moeten geen dogma worden.