
Osho Boeken Besproken
Nederlandse Osho Boeken 1
pagina 2
pagina 3
pagina 4
Engelse Osho Boeken 1
pagina 2
pagina 3
pagina 4
pagina 5
|
BESPREKING VAN OP DE YOGAWEG
Dit boek bevat een
compilatie van hoofdstukken uit de twaalfdelige serie die Osho aan
Patanjali’s Yoga heeft gewijd. We zien hierin, dat Osho voor ons de
wetenschap van Patanjali ontvouwt om ons pad te vinden. Want, zoals Osho
dat zo vaak uiteen gezet heeft, we zijn geen eenheid, we zijn een
menigte. En, hoe kan een menigte zijn pad vinden? Een veelheid wil alle
kanten op.
Hebben we ons pad gevonden, dan kunnen we ons ontspannen, dan kunnen we
relaxt onze weg vervolgen. En we zullen ontdekken: het pad is er niet om
een of ander doel te bereiken, het pad is tegelijkertijd het doel.
Maar om het pad te vinden, is veel voorwerk nodig. En daarbij helpt de
Yogavisie van Patanjali ons.
In elk van de vijf hoofdstukken in dit boek wordt een aspect van
Patanjali’s inzichten behandeld. En in het 6e hoofdstuk gaat
Osho op vragen van toehoorders in.
Ik wil het hier over het derde hoofdstuk uit het boek hebben dat handelt
over de vijf vormen die de mind aanneemt.
Ieder van ons kent het struikelblok dat de mind voor ons is . En velen
hebben ervaren hoeveel geworstel met inspanning en je juist niet
inspannen het geeft om enigszins vrij van de overheersing van de mind te
worden.
De uiteenzetting in dit
hoofdstuk ondersteunt je bij dit vrij worden, bij deze individuele
vrijheidsstrijd.
Op zich is de mind voor ons vriend noch vijand. Bij alle technieken,
alle methodes, alle paden van yoga gaat het in wezen om één probleem:
hoe moet je gebruik maken van de mind.
De mind is in feite niets anders dan een werktuig net als je handen en
voeten. Je geeft bevelen aan je voeten, je benen en ze komen in
beweging. En ze houden ermee op als je “stop”zegt: jij bent de baas.
Het zou een chaos worden in ons lichaam als onze ledematen zich uit
zichzelf zouden gaan bewegen.
Dit is wat er met de mind heeft plaats gevonden. Je wilt niet denken en
ondertussen gaat de mind gewoon door. De mind is alleen maar een
werktuig, maar jij hebt er teveel macht aan gegeven.
Hoe kun jij weer de baas worden? Hoe kun je de mind terug op zijn plaats
zetten?
Hiervoor moeten we het hele mechanisme begrijpen.De mind kan vijf vormen
aannemen die tot ellende of tot afwezigheid van ellende (niet-ellende)
kunnen leiden. Dat laatste is belangrijk om vast te stellen: de mind kan
je hooguit tot afwezigheid van ellende brengen, maar niet tot geluk.
Geluk is jouw wezen; daar
kan je mind je niet heen brengen. Het geluk is er al, het is niet iets
wat je volbrengen of verdienen moet, je bent ermee geboren.
Het innerlijke geluk begint te stromen als je eenmaal in de staat van
niet-ellende verkeert.
De mind draagt daar niets aan bij. Hij wordt alleen een belemmering als
hij in ellende verkeert. En de mind wordt een opening als hij in
niet-ellende verkeert.
Patanjali zegt, dat de mind twee dingen kan doen. Hij kan een raam zijn
dat open is en zonnestralen van geluk kan doorlaten of een raam dat
gesloten is en dan kan hij dat niet doen.De vijf vormen van de mind
zijn: juiste kennis, verkeerde kennis, verbeelding, slaap en
herinnering. De eerste vorm is prama, een sanskriet woord dat
veel meer inhoudt dan het begrip “juiste kennis”waarmee het vertaald
wordt.
De mind bezit een bepaald vermogen en als dat juist gebruikt wordt, is
alles wat gekend wordt waar. We zijn ons er niet van bewust omdat we er
nooit gebruik van gemaakt hebben. In een donkere kamer waarin je eerst
tegen alles aanstootte, richt je je zaklamp en dan kun je kijken en je
weet hoe het zit. Die speciale plek waarop je met je zaklamp schijnt
wordt vanzelf duidelijk zichtbaar.
Zo bezit de mind ook het vermogen tot verkeerde kennis, viparyaya.
Dat vermogen heeft ook ieder mens. De mind heeft een centrum dat alles
kan verdraaien en dat gebeurt bijvoorbeeld als je alcohol drinkt.
Alcohol werkt op dat centrum en alles wordt verdraaid.
Alcohol kan zelf zo’n
effect niet hebben, maar zij begint in te werken op het centrum dat
Patanjali viparyaya noemt.
Moella Nasroeddin was een ervaren drinker en hij had met een vriend die
onervaren was behoorlijk zitten hijsen. De vriend zei:”Hoe moet dat nou?
Ik zie niets meer, ik hoor niets meer. Hoe moet ik thuis komen?Vertel
jij me dat eens, Nasroeddin!”
Nasroeddin zei: “Vooruit, loop maar. Na een aantal stappen kom je op een
punt waar je twee kanten op kunt, naar rechts of naar links. Je gaat
naar links, want die kant naar rechts bestaat niet. Zelf ben ik vaak die
kant naar rechts op gegaan, maar nu ben ik een man van ervaring. Ik ben
vaak die kant naar rechts op gegaan en dan kom je er nooit, je komt
nooit thuis.”
Alcohol doet precies het omgekeerde van wat meditatie doet. Meditatie
brengt je steeds meer verstilling, je raakt steeds meer in balans. Het
centrum van juiste kennis begint dan te functioneren. Door dat centrum
is alles wat je te weten komt waar.
Als zoekers zitten wij, volgens Osho, tussen deze twee vormen in. Af en
toe vangen we een glimp op van juiste kennis, maar we zijn ook
regelmatig als alcoholisten en nemen waar vanuit het centrum van de
verdraaiing. Meditatie is de sleutel tot het centrum van juiste kennis.
De derde vorm van de mind
is verbeelding.
|
 |
En dit vermogen tot verbeelding
is prachtig.
Het heeft alles wat mooi is tot stand gebracht, zoals
schilderijen, dans en muziek. |
Echter ook hele lelijke
dingen zijn er uit verbeelding voort gekomen, zoals het waanidee van
Hitler om een supermens te creëren. Patanjali zegt, dat je op een goede
en een slechte manier gebruik kunt maken van deze derde vorm van de mind.
Je kunt jezelf ermee vernietigen. En je kunt ook meditaties met
verbeelding doen; ze beginnen met fantasie, maar deze wordt gaandeweg
steeds subtieler. En uiteindelijk laat je de verbeelding vallen en sta
je oog in oog met de waarheid.
Verbeelding kan een enorme
kracht zijn; zij kan iemand die zich ziek voelt genezen.
Ze kan zowel lafaards als dappere mensen voortbrengen.
Moella Nasroeddin was een
tamelijk laffe man. Alcohol gaf hem echter moed. Toen kwam er een woeste
man het café binnen, met de uitstraling van een moordenaar.
Op elk ander moment zou Moella gesidderd hebben van angst, maar nu niet,
omdat hij dronken was.
De woesteling kwam vlak bij Moella staan en toen hij zag, dat deze
helemaal niet onder de indruk was, stampte hij boven op zijn voet.
Moella werd ontzettend kwaad en zei: “ Waar ben je mee bezig, is dit een
soort grap of doe je het met opzet?”
“Met opzet.”zei de woesteling.
Moella was door de pijn in zijn voet weer bij zinnen gekomen en hij
voegde daarom snel toe: “ Dank je wel, dan, want ik houd niet van zulke
grappen. Met opzet is het oké.”
Verbeelding is op zich niet slecht; alleen je dient je er van bewust te
zijn dat het fantasie is. Weet dat alleen het getuige bewustzijn echt is
en verder niets.
Slaap is de vierde vorm van de mind. Bij de slaap functioneert de
mind niet, zij is helemaal geabsorbeerd, helemaal ontspannen. En dat is
prachtig, zo schenkt zij leven. Slaap verschilt in feite niet veel van
samadhi, alleen in slaap ben je onbewust en in samadhi ben je bewust.
Slaap kan je een natuurlijke rust geven, maar mensen blijven vaak dromen
en dan bereik je niet de stilte van de slaap, de gelukzalige muziek van
de slaap.
En slaap kan daarnaast iets spiritueels worden en dat gebeurt als je
oplettend kunt zijn tijdens de slaap. Het hele lichaam is in slaap, de
mind valt in slaap, maar het getuige zijn blijft. Dan komt de ultieme
extase.
De vijfde en laatste vorm
van de mind is het geheugen.Ook daar kun je gebruik en misbruik
van maken.
Met je geheugen verdraai je meestal wat er echt gebeurd is. Iedereen
zegt, dat hij als kind in het paradijs leefde, maar kijk eens goed naar
de kinderen van nu. Ze willen allemaal zo snel mogelijk volwassen
worden, want dan heb je het voor het zeggen en dan kun je pas plezier
beleven. Nu ben je hulpeloos. Toch zullen deze kinderen ook later weer
zeggen, dat hun jeugd het paradijs was.
Daar tegenover staat wat Boeddha “juiste herinnering”noemt en dat
betekent, dat je volkomen eerlijk ten opzichte van jezelf bent. Iemand
zal zijn leven als hij zich dat op de juiste manier herinnert niet over
willen doen. En toch probeert iedereen zijn leven op een of andere
manier te herhalen.
Je bent schijnheilig bezig;
je doet alsof je van de mensen hebt gehouden die je in werkelijkheid
haatte. Je moet goudeerlijk zijn, je moet inzien wat je echt van de
mensen vond, wat je voor ze voelde en dan is er volgens Patanjali
vrijheid.
Je laat het vallen; het is allemaal onzin en je wilt het niet opnieuw op
de toekomst projecteren. Dan word je authentiek, je wordt als een rots.
Niets kan je veranderen, niets kan je verwarren. Je wordt als een
zwaard, je kunt alles weg snijden wat verkeerd is.
Dan is er de helderheid van geest die je naar meditatie leidt.
Door deze vijf vormen van de mind te kennen en je ervan bewust te zijn,
ruim je obstakels voor meditatie uit de weg.
Doe je voordeel dus met dit heldere boek. |