Come Come Yet Again Come


Celebrating the Joy of Love, love and Meditation

In het boek Come Come Yet Again Come komt het contact tussen Meester en Discipel aan de orde. De relatie tussen Meester en Discipel heeft niets met verering te maken; het is een liefdesverhouding die volkomen vrij is. De Meester is Liefde en de discipel voelt zich door deze liefde voor de eerste maal gezien in Come Come yet again Comehet totaal van al zijn of haar groeimogelijkheden Er is niet sprake van een echte relatie; als er al iemand een connectie legt, dan is dat de discipel, niet de Meester.
De Meester is volkomen vrij en zelfs: de Meester is Niet, als ego, en daarom juist zo volop en tastbaar aanwezig.
Osho heeft zelf bij de beschrijving van het contact tussen Meester en discipel het beeld van de twee vlammen gebruikt.

Het boek Come Come Yet Again Come is in de Boekhandel verkrijgbaar of via internet.

Review van Come Come Yet Again Come

Dit boek Come Come Yet Again Come tot een van de Early Works, de vroege werken, van Osho. Het bevat heel veel vragen van zoekers die zich in de beginjaren om Osho heen begonnen te verzamelen.

Men werd aangetrokken door de magnetische kracht van de Verlichte Osho.

Vanuit heel de wereld verzamelden zich mensen en ze zaten uren aan de voeten van deze Meester om zijn wezen, zijn energie, in te drinken. En dan borrelden er vragen op, die door Osho met veel liefde, oneindig veel geduld en, niet te vergeten, met een uniek gevoel voor humor beantwoord werden.

Ik herinner me, dat ik indertijd ook zoekende was en dat ik het van de toen bestaande Nederlandse vertalingen van Osho’s boeken moest hebben.
Alle mogelijkheden tot groei die verschillende stromingen boden, had ik doorgeploegd en af en toe uitgeprobeerd.
Uiteindelijk kon ik echter niet meer om Osho en zijn visie heen.
Het waren zijn woorden in drukvorm die voor mij toen een soort van magie betekenden. Come Come yet again Come
Op een zinnetje kon ik soms dagen aan het broeden zijn.
Een heel aantal bladzijden had ik gelezen, maar een enkele uitspraak kwam telkens bij me bovendrijven en drong zich steeds weer aan me op.

Later hoorde ik dat ook van anderen: ‘Zoals Osho het uitdrukt, zo kan alleen hij dat zeggen.’ Dit kan snel als verheerlijking en verafgoding worden uitgelegd.
Wie zelf geen Meester heeft of heeft gehad, weet waarschijnlijk niet wat ik bedoel.
De relatie tussen Meester en Discipel heeft niets met verering te maken; het is een liefdesverhouding die volkomen vrij is.
De Meester is Liefde en de discipel voelt zich door deze liefde voor de eerste maal gezien in het totaal van al zijn of haar groeimogelijkheden Er is niet sprake van een echte relatie; als er al iemand een connectie legt, dan is dat de discipel, niet de Meester.

De Meester is volkomen vrij en zelfs: de Meester is Niet (als ego) en daarom juist zo volop en tastbaar aanwezig.
Osho heeft zelf bij de beschrijving van het contact tussen Meester en discipel het beeld van de twee vlammen gebruikt.
Ze dansen samen als vlammen in een heftig brandend vuur; ze branden naast elkaar en bewegen zich samen speels.
Af en toe bewegen ze met elkaar mee, maar daarnaast zijn ze ook geheel onafhankelijk van elkaar. Ze dansen wel in hetzelfde vuur.

Toen ik nog geen sannyasin was, werd ik dus al geraakt door de originele manier waarop Osho zich uitdrukt.
Het is eenvoudige taal, die tegelijkertijd zo bijzonder gebruikt wordt, dat er iets in je gebeurt. De woorden klinken aan de buitenkant en dringen via je oren naar binnen, maar ze gaan veel dieper dan dat.

Ik herinner me, dat ik in die tijd een mooi tijdschrift ontving, waarin de aankondiging stond voor het Jaarlijkse Wold Festival in Rajneeshpuram, in Oregon.
Er waren foto’s van vorige festivals en verder stond alles beschreven over wat er op het programma stond, hoe de accommodatie zou zijn en alle andere voorzieningen.

Ergens in een hoekje van het tijdschrift was een afbeelding van Osho geplaatst.

Hij was in die jaren in Silence en gaf geen lezingen. Alles wat er van hem naar buiten kwam, was summier en vond plaats via de paar mensen die dagelijks om hem heen waren.

Ik zag een zeer olijk kiekje van hem, met daarbij de woorden, als uitnodiging voor het komende jaarlijkse Wereldfestival: Don’t Try To Come, Just Come! met andere woorden: Come Come Yet Again Come.

Prachtig nietwaar? Het doet absoluut appel op de lezer.

Zo zal de titel van het boek Come, come, Yet Again Come ook op veel mensen een appel doen. En de inhoud ervan opent nog zoveel meer deuren. Een vragensteller komt, zo staat in het boek te lezen, met de volgende kwestie: waarom is er niet een grote wereldreligie, waarin ieder zich thuis voelt en waardoor de verbondenheid tussen mensen meer beleefd kan worden?

Al die verschillend religies zorgen alleen maar voor verdeeldheid onder de mensheid. Het is prachtig om te lezen, hoe Osho uitlegt, dat er zeker sprake moet kunnen zijn van een bepaalde broederschap onder mensen. Die zal echter niet ontstaan door de veelheid aan godsdiensten. Religie op zich is niet wat verdeeldheid schept; dat gebeurt door bepaalde volgelingen van een godsdienstig leiders. En deze bedrijven dan ook eerder politiek dan religie; de politiek in godsdienstige stromingen zorgt voor de verdeeldheid.

Zoveel verdelingen zijn niet nodig, dat is de dwaasheid van mensen. De zoektocht en het verlangen naar het goddelijke zijn bij alle mensen hetzelfde. Daarnaast is het ook zo, dat de mensheid een geweldige variatie kent, ieder mens is uniek en zal zich in de ene godsdienstig stroming wel en in de andere helemaal niet kunnen vinden.

Osho legt met grote mildheid uit hoe verschillende godsdiensten zich van elkaar onderscheiden. Er zijn kenmerkende verschillen, waardoor een individu zich bij de ene religie wel thuis voelt en bij de andere niet. De kenschets, die Osho van de manier waarop godsdiensten van elkaar verschillen geeft, is werkelijk interessant om te lezen. Het wordt je duidelijk hoe deze ontstaan zijn en wat de uitwerking ervan kan zijn op mensen in verschillende delen van de wereld.

In alle godsdiensten zijn goede dingen te vinden, maar ook hele slechte, aldus Osho.
Een universele wereldgodsdienst construeren uit alle goede dingen van de bestaande religies,zoals de vragensteller suggereert, zal niet echt gaan werken. Zo’n godsdienst wordt een allegaartje.

Want, denk je eens het volgende vergelijkbare verschijnsel in. In een apotheek zijn heel veel verschillende soorten medicijnen. En in elk medicijn zitten dingen die goed zijn. Als je de apotheker vraagt om voor jouw kwaaltje een medicijn samen te stellen dat het goede uit alle andere medicijnen bevat, zul je een merkwaardig soort product krijgen. Het zal een averechts effect op je gezondheid hebben en het zal zelfs dodelijk kunnen zijn.

‘Mensen een universele godsdienst opleggen, zal geen echte solidariteit brengen en het zal bovendien de gevarieerdheid van mensen totaal vernietigen.’ En in zijn conclusie drukt Osho zich hier heel mooi uit: ‘When you have only roses, the variety, the multidimensionality is lost. If the whole world is playing the flute like Krishna, you will go mad.
I accept multidimensionality in every field of life.’

De mens is in feite nog altijd niet echt religieus, geeft Osho aan.
De Waarheid verheft zich als een zonovergoten bergtop boven allerlei godsdienstige stromingen en vele paden kunnen naar deze Waarheid leiden.

De beweging die rondom hem zelf is ontstaan, zegt Osho, is geen nieuw soort religie, het is een verzameling van zoekende mensen die een oneindige variatie kent.

Er kan solidariteit, broederschap, een gevoel van verbondenheid zijn, terwijl aan de variatie ook recht wordt gedaan. Net zoals verschillende vogelsoorten ieder anders zingen, kunnen er ook veel verschillen in gezichtspunten tussen mensen zijn. Dat betekent alleen maar een verrijking van het Bestaan.’

In dit boek Come Come yet Again Come komen Osho’s fundamentele inzichten aan de orde en wel zo, dat ons ook de achtergronden worden uitgelegd. Wat langzamerhand vanzelfsprekend is geworden is, na zoveel jaren met de Meester, krijgt meer diepte en basis. Dat is fijn voor je eigen leven, maar ook om aan anderen uit te leggen, als ze met vragen komen.

Af en toe een duik nemen in Osho’s Early Works, zoals Come, Come, Yet Again Come verfrist je en zet de dingen juist op hun plek.

Moella Nasroeddin liep op een dag op straat met een prachtige paraplu. Een vriend van hem zei: ‘Wat een mooie paraplu heb jij daar, Moella. Waar heb je die gekocht?’
Moella antwoordde:’Die heb ik niet gekocht, hij is al tamelijk oud, al minstens twintig jaar.’

‘Echt waar?’ reageerde de vriend verbaasd. ‘Twintig jaar? Hij lijkt zo gaaf en zo nieuw! Hoe krijg je het voor elkaar om hem zo te houden?’ Moella zei:’Ik ben er absoluut zeker van, dat hij twintig jaar oud is. Natuurlijk heb ik hem wel minstens tweehonderd maal verwisseld. Gisteren nog, toen ik uit de moskee kwam, is hij ook weer verwisseld. Maar hij is wel twintig jaar oud.’